RAY COMP: wat zegt Europees onderzoek over vorming in het jeugdwerk?

Hoe zorg je dat vormingen voor jeugdwerkers blijven hangen? Hoe sluit je aanbod aan bij wat jeugdwerkers nodig hebben? Met RAY COMP onderzocht het Europese RAY-netwerk hoe Europese meerdaagse vormingen binnen Erasmus+ Jeugd en het European Solidarity Corps bijdragen aan competentieontwikkeling.

 Samen met 9 andere Nationale Agentschappen ondersteunde JINT dit onderzoek. Op basis van interviews, focusgroepen en surveyanalyse brengt het rapport waardevolle inzichten voor iedereen die vormingen aanbiedt, ontwikkelt of begeleidt. Ontdek vier inzichten die je als vormingsmedewerker vandaag al kan meenemen. 

Vormingsnoden van jeugdwerkers

Niet iedereen leert hetzelfde. En da’s oké! 

Wat jeugdwerkers nodig hebben aan vorming, hangt sterk samen met wie ze zijn, waar ze staan in hun loopbaan en in welke context ze werken. RAY COMP maakt een helder onderscheid tussen: 

  • Basisvormingsnoden, zoals jeugdwerkpedagogie, participatie, communicatie en projectmanagement 
  • Specifieke vormingsnoden, die inspelen op maatschappelijke veranderingen: diversiteit en inclusie, politisering, mentaal welzijn, digitalisering, zelfzorg … 

Opvallend: Europese vormingen slagen er goed in om basiscompetenties te versterken. Zo zegt meer dan 96% van de jeugdwerkers die deelnamen dat ze over minstens 1 basiskenmerk van jeugdwerk hebben bijgeleerd. Maar voor meer ervaren jeugdwerkers blijft het aanbod aan verdiepende vormingen eerder beperkt.  

Naast hun competenties versterken, zijn Europese vormingen voor jeugdwerkers ook uitgelezen momenten om een netwerk op te bouwen. In de Europese vormingen zegt 85% van de deelnemers dat hun netwerken betekenisvol uitgebreid zijn. 

Wat betekent dit voor jou als vormingsmedewerker? Durf te vertrekken van verschillende ervaringsniveaus en maak expliciet voor wie je vorming bedoeld is. 'Voor iedereen' is zelden een goede ontwerpkeuze. 

Naast hun competenties versterken, zijn Europese vormingen voor jeugdwerkers ook uitgelezen momenten om een netwerk op te bouwen.

Hoe vormingen tot stand komen

Tussen luisteren en richting geven. 

Vormingsaanbieders bepalen hun aanbod meestal via een mix van twee logica’s

  • Bottom-up: noden van jeugdwerkers en jongeren, input van trainers, signalen uit de praktijk 
  • Top-down: beleidsprioriteiten en maatschappelijke ontwikkelingen 

Beide zijn nodig. Te veel bottom-up? Dan bereik je vooral wie het aanbod al kent. Te veel top-down? Dan dreigt de afstand tot de realiteit van jeugdwerkers. 

RAY COMP benadrukt ook het belang van goede samenwerking tussen aanbieder en trainer: duidelijke afspraken, gedeelde verantwoordelijkheid en voldoende ruimte om in te spelen op wat er in de groep leeft. 

Drie tips voor in de praktijk:

  • Betrek trainers al vroeg in het ontwerpproces.
  • Communiceer als vormingsaanbieder helder over doelen, verwachtingen en speelruimte.
  • Zie nationale en internationale vormingen als één leercontinuüm.

Wat maakt een vorming echt goed? 

Methodiek is belangrijk. Omkadering ook. 

Het onderzoek ziet hoe in Europese vormingen een aantal non-formele leerprincipes centraal staan: participatie, ervaringsgericht werken, reflectie en flexibiliteit. Tegelijk waarschuwt het voor een te grote focus op ‘entertainment’, ten koste van diepgang. 

Daarnaast wijst RAY COMP op factoren die een grote invloed hebben op de kwaliteit van de vorming, maar vaak onderschat worden: 

  • Logistiek en locatie beïnvloeden de leerervaring sterk.
  • 'Training tourists' ondermijnen de groepsdynamiek.
  • Te diverse groepen qua leernoden maken het moeilijk om de juiste aanpak te vinden.

Een opvallende goede praktijk zijn langdurige vormingstrajecten. Die zorgen voor meer diepgang, sterkere groepsdynamiek en een betere vertaalslag naar de eigen praktijk. 

Wat kan je hieruit leren?  

  • Leerervaringen mogen leuk zijn, maar waak erover dat de slinger niet doorslaat naar entertainment.
  • Kies de locatie doordacht en voorzie de nodige goede omkadering.
  • Wees je bewust van de leernoden van de deelnemers, en vermijdt te grote diversiteit daarin.
Een opvallende goede praktijk zijn langdurige vormingstrajecten. Die zorgen voor meer diepgang, sterkere groepsdynamiek en een betere vertaalslag naar de eigen praktijk.

Vorming in de loopbaan van jeugdwerkers 

Leren stopt nooit. 

Jeugdwerkers bouwen hun competenties op via een mozaïek van leerervaringen

  • formele opleidingen, zoals in het hoger onderwijs
  • non-formele trainingen, zoals kadervorming en de Europese vormingen
  • informeel leren on the job 
  • levenslang leren bv. uit andere jobs of persoonlijk leven

Omdat er zelden een vast opleidingstraject is, nemen jeugdwerkers hun ontwikkeling vaak zelf in handen. Dat maakt loopbanen uniek, maar ook kwetsbaar: verbanden tussen leerervaringen ontbreken, verwachtingen over vormingen zijn soms onrealistisch en opvolging na trainingen is beperkt. 

RAY COMP pleit daarom voor een meer systemische en holistische benadering van leren, met aandacht voor mentoring, oriëntatie en langetermijngroei. 

Zin om verder te verdiepen?

RAY COMP biedt nog veel meer inzichten over de kwaliteit, strategieën voor en spanningen in het ontwikkelen van het vormingsaanbod voor jeugdwerkers. 

Ontdek 10 key insights

Lees het volledige RAY COMP-rapport