Jeugdwerk in… Nederland

Hoe ziet jeugdwerk eruit in andere landen? In de reeks Youth Work in … zoomen we telkens in op een ander Europees land. Deze 3de editie is Nederland aan de beurt. We praten met Bianca Boender die al jaren met beide voeten in het jongerenwerk staat. Vlakbij, maar toch ook erg verschillend van het Vlaamse jeugdwerk.

Jongerenwerk speelt een unieke verbindende rol tussen alle domeinen waarin jongeren zich bewegen.

Bianca Boender

Van jeugdwerk naar KJW

Anders dan in Vlaanderen wordt in Nederland een onderscheid gemaakt tussen ‘kinderwerk’ en ‘jongerenwerk’, tezamen het kinder- en jongerenwerk oftewel KJW. Bianca: “Maar je kan die niet apart zien: we geloven dat kinderwerk de voorloper is van jongerenwerk. Het is een doorlopende lijn, dan heb je gewoon meer impact.” 

Kinderwerkers organiseren vrijetijdsactiviteiten voor kinderen (6 tot 12 jaar). De activiteiten van het kinderwerk hebben over het algemeen een recreatieve en educatieve functie. Ze kunnen plaatsvinden in buurthuizen, in brede schoolverband, maar ook in speeltuinen. Jongerenwerkers begeleiden procesmatig groepen jongeren (12 tot 23 jaar) in de vrije tijd, in aansluiting op hun leefwereld en sociale omgeving. Primaire doelgroep zijn kanszoekende jongeren met een lage sociaaleconomische status en opleidingsniveau. Het jongerenwerk wil hun sociale verbinding versterken met anderen, persoonlijke ontwikkeling bevorderen en maatschappelijke participatie stimuleren. 

Bianca: “KJW-ers vormen zo een waardevolle partner voor ouders in de opvoeding, naast heel wat andere mede-opvoeders, zoals leerkrachten, de wijkagent, hulpverleners … Uniek is de laagdrempelige beschikbaarheid van jongerenwerkers, voor zowel de jongeren als voor de ouders.” 

Bianca Boender (1974) is geschoold als psychiatrisch verpleegkundige. Op straat in Rotterdam ontdekte ze haar ware roeping: jongerenwerk. “Die doelgroep is fantastisch. Jongeren zijn goudeerlijk, inventief, creatief, maar ook vaak ‘ongewild’. De tienertijd is een essentiële periode. Ik vind het echt een voorrecht om een poosje met ze mee te mogen ‘wandelen’ in die periode.” Bianca begon zich meer op methodiekontwikkeling te focussen en richtte You!nG op. Intussen is ze een 7-tal jaar voorzitter van BVjong, de Nederlandse Beroepsvereniging voor Kinder- en Jongerenwerkers en trekt ze mee aan de kar van AYWA, de Europese koepel van beroepsverenigingen. Ook in haar dagelijkse leven is ze omringd door jongeren: ze heeft 11 (pleeg)kinderen onder haar vleugels. 

Hoe word je jongerenwerker in Nederland? 

Er zijn in Nederland twee verschillende pistes om professioneel kinder- of jongerenwerker te worden.  

  • Via de opleiding Sociaal Werk kan je afstuderen als kinder- of jongerenwerker. 
  • Als zij-instromer via een EVC-traject (Elders Verworven Competenties). Bianca: “Zij-instromers hebben we best vaak, bijvoorbeeld vanuit de politie of het onderwijs. Die piste werkt dus goed.” 

Meer info

Het bijzondere van jeugdwerk in Nederland 

Wat maakt Nederlands jeugdwerk bijzonder? Bianca hoeft er niet lang over na te denken: de sterke verbondenheid met andere domeinen. “Rondkijken in de domeinen waar de kinderen en jongeren zich bewegen, is de beste manier om kinder- en jongerenwerk te leren kennen. Jeugdwerkers zijn actief op school, in hun thuisomgeving, in hun vrije tijd, op straat, en in sommige gevallen in de jeugdzorg. Ze ondersteunen ook de weg naar een volwassen leven van werken en verdienen. Jongerenwerk speelt een unieke verbindende rol tussen al die domeinen.”

Verbondenheid is er in Nederland ook bij kinder- en jongerenwerkers onderling. “We hebben een community van kinder- en jongerenwerkers. Inmiddels hebben we een actieve WhatsApp-groep, waarin honderden leden zitten. Met verschillende groepen daarin: regiogroepen, kinder- en jongerenwerk … Die samenhang is heel bijzonder.”

Jongerenwerk speelt een unieke verbindende rol tussen alle domeinen waarin jongeren zich bewegen.
Bianca Boender

“In Nederland is kinder- en jongerenwerker een betaalde job. In veel andere landen is dat anders: jeugdwerkers doen dit vrijwillig of moeten zelf fondsen bijeen gaan zoeken.” De Jeugdwet biedt daarbij een landelijk kader, maar uiteindelijk is kinder- en jongerenwerk wel een lokale bevoegdheid. “Ja, het kan perfect dat er in de ene gemeente maar één medewerker is en de buurgemeente wel 20.” Er zijn ook steeds meer jongerenwerkers actief op scholen, die net als gemeenten deze dienstverlening inkopen.

Nog iets unieks: in Nederland kunnen jongeren jeugdwerk op medisch voorschrift krijgen. Als huisartsen of andere hulpverleners merken dat een jongere eenzaam is, verwijzen ze die door naar het landelijke Join Us programma dat door jongerenwerkers uitgevoerd wordt.

Kleine verhalen met grote impact 

Maar wat brengt jeugdwerk in Nederland teweeg? Bianca: “Natuurlijk hebben we de hele grote verhalen, van mensen die in de put zaten of in de criminaliteit, en daaruit zijn gekomen dankzij jongerenwerk. Maar eigenlijk vind ik zelf de kleine verhalen het belangrijkst. Die belichamen voor mij wat we in Nederland de ‘presentiebenadering’ noemen: er zijn voor de jongeren en kinderen, in hun eigen leefwereld.”  

“Denk maar aan de meidenwerker die een meisje via Instagram volgt, en zo ontdekt dat die zopas haar moeder is verloren. Waarop die via een DM vraagt ‘Wat kan ik wat voor je betekenen?’, en haar kan doorverwijzen naar gepaste ondersteuning. Of de kinderwerker die ziet dat een kind telkens honger heeft na de lunch, zo ontdekt dat er ook thuis niet genoeg te eten is, wat leidt tot een plan om het gezin toe te leiden naar de voedselbank.”  

“Door telkens een signaal op te pikken en actief de hand uit te reiken, zorgt de kind- of jongerenwerker ervoor dat het kind of de jongere de hulp krijgt die ze op dat moment nodig heeft. Geen spectaculair verhaal, maar ik vind dit prachtig! Het zijn kleine dingen die een hele grote impact hebben.” 

Wetenschappelijke kijk op jongerenwerk

In Nederland is er heel wat onderzoek over de effecten en impact van jongerenwerk. Zo toont onderzoek o.a. aan dat jongerenwerk: 

  • maatschappelijke participatie vergroot 
  • het sociaal netwerk van jongeren versterkt 
  • jongeren doorverwijst naar passende hulp 
  • helpt escalatie van problemen te voorkomen 
  • geldzorgen helpt voorkomen 
  • sociaal-emotionele en talentontwikkeling ondersteunt 
  • zelfredzaamheid ondersteunt 
  • jeugdcriminaliteit helpt voorkomen 

Zie de factsheet: Wat is jongerenwerk? 

Jongerenwerk in de sociale basis

Als opleider merkt Bianca hoe kinder- en jongerenwerkers weinig ruimte hebben voor verdieping. Dat wil ze graag anders: “Kinder- en jongerenwerkers moeten meer tijd vrij kunnen maken om hun vakbekwaamheid te ontwikkelen.” 

Ze benadrukt ook graag de preventieve kracht van jeugdwerk, ook daar ligt nog werk op de plank. “Ik geloof heel erg dat het jongerenwerk het voorveld is. We zijn geen jeugdzorg, de kracht van jongerenwerk ligt net in het voorkomen van problemen. Met BVJong proberen we de rol van kinder- en jongerenwerk op alle politieke niveaus te laten zien, van de gemeente tot het landelijke niveau. Dus door te werken aan die zichtbaarheid. Maar ook door te zorgen dat jongerenwerkers zelf de kracht van hun werk kennen.” 

“Er is best al wat erkenning in Nederland voor kinder- en jongerenwerk. Maar er moet meer politieke erkenning komen, vooral op landelijk niveau. We streven ernaar dat kinder- en jongerenwerk als volwaardig deel van de sociale pedagogische basis wettelijk erkend wordt. Een laagdrempelige dienstverlening waar iedereen gebruik kan van maken, een beetje zoals een bibliotheek.”

“Naar ruwe schatting zijn er zo’n 3.500 professionele jongerenwerkers, en zo’n 400 kinderwerkers. Een exact aantal hebben we niet, maar er wordt wel aan gewerkt om dat in kaart te brengen. Maar ik zou graag zien dat we met meer zijn. Dat het normaal is dat we er zijn en onze rol steviger en bekender wordt. Dat iedereen daar gebruik van kan maken.”

“Mijn droom? Dat dat niet alleen KJW'ers, maar iedereen in Nederland begrijpt dat ze een positieve invloed kunnen hebben op het leven van kinderen en jongeren. Dat we er samen voor kunnen zorgen dat zij op een positieve manier kunnen opgroeien tot emotioneel stabiele volwassenen.” 

Jeugdwerk in Nederland: een lange voorgeschiedenis

  1. Het ontstaan dateert van eind 19de eeuw, ten tijde van de industrialisering. Eerst is het geen groot succes: jongeren zitten niet te wachten op zedenpreken van volwassen jongerenwerkers.  
  2. De doorbraak komt er in 1921 met de oprichting van jongensclubhuis in Rotterdam, waar aansluiting gezocht wordt op hun leefwereld en iedereen mag deelnemen. Voor meisjes komt er een eerste clubhuis in 1937. 
  3. In een sterk verzuilde Nederlandse samenleving begint elke zuil haar eigen activiteitenaanbod voor jongeren te ontwikkelen, begeleid door beroepskrachten.  
  4. Na WO2 krimpt de rol van de zuilen en groeit die van de overheid. Die wil vooral de ‘overlast’ die jongeren veroorzaken en de ‘verloedering’ van de jeugd tegengaan. 
  5. Vanaf de jaren ’60 evolueert jongerenwerk sterk, onder invloed van de grotere culturele revolutie waarin jong-zijn en zelfontplooiing de nieuwe maatschappelijke idealen zijn. Jongerenwerk gaat zich ook meer op de middenklasse richten. 
  6. Vanaf de jaren ‘80 komt de vernieuwing van jongerenwerk in een stroomversnelling, met de bottom-up ontwikkeling van allerlei werkvormen, zoals meidenwerk, ambulant jongerenwerk … Het jongerenwerk wordt steeds diverser

 Meer weten over Nederlands jeugdwerk?  

Tekst:  Rilke Mahieu 
Beeld: Bert Vonk 

Dit artikel verscheen in de 15de editie van het SCOOP-magazine. 

2026: het jaar van de vrijwilliger én 30 jaar Europees vrijwilligerswerk

Op Vlaams en Europees beleidsniveau zijn vrijwillig engagement en samenleven in solidariteit twee essentiële ingrediënten van een sterke Jeugdstrategie en -beleid. In 2026 vieren we daarenboven 30 jaar Europees vrijwilligerswerk én het is ook het Internationaal Jaar van de Vrijwilliger. Een mooie aanleiding om in de 15de editie van de SCOOP stil te staan bij wat jongeren drijft om zich in te zetten.  

Lees verder